Mariëlle Roozemond: ‘Je hebt kleine teams nodig die bestaan uit specialisten met zeer uiteenlopende kennis en vaardigheden’

De komende 15 jaar komt er een vloedgolf aan technologische vernieuwing op ons af die veel bedrijfstakken door elkaar schudt. Deze veranderingen hebben directe impact op de manier waarop we marketing doen. Simpelweg blijven doen wat altijd succes had, is uitgesloten. Het is zelfs zo dat we ons persoonlijk leiderschap moeten aanboren om onze collega’s en de organisaties waar we voor werken mee te nemen in deze wirwar van verandering.  

Mariëlle Roozemond is hogeschooldocent, voorzitter van het Agile MarCom Consortium, bestuurslid van het Agile Consortium en auteur van de bestseller “Scrum in Actie, maak van ieder project een succes”, over de toepassing van Agile buiten de IT. Zij neemt je, tijdens de nieuwe NIMA Masterclass: Agile Marketing Transformatie, mee in de vier shifts van agile marketing en de transformatie naar agile marketing naar een mindset. Met als praktische consequentie dat het bijdraagt aan de herpositionering van het marketing team in je organisatie. Op deze manier creëer je een omgeving waarin agile werkroutines en aanpakken meer vanzelfsprekend worden omarmd. Maar eerst stelden wij Mariëlle een aantal vragen.

Wat fascineert jou momenteel het meest in het marketingvak?

De discussie over de waarde van marketing en hoe je zoveel mogelijk waarde toevoegt met marketing. Dat begint natuurlijk met het vergaren van insights over klanten en maken van product- en dienstenprototypes om deze vervolgens te testen. En zo een steeds betere fit te vinden met nieuwe of bestaande klantsegmenten. Die slag, helemaal aan het begin van het marketingproces, daar wordt waarde gecreëerd. Als het goed is wordt de betekenis die een product of dienst voor klanten heeft helemaal vanaf het begin meegebakken. Dit lukt bijna niet in een bedrijf dat is opgedeeld in kennissilo’s. Je hebt kleine teams nodig die bestaan uit specialisten met zeer uiteenlopende kennis en vaardigheden.  

Wat is het slechtst begrepen onderdeel van jouw expertisegebied. Welk vooroordeel, welke denkfout lijkt ie-de-reen te maken?

Kenniswerk en hoe je samenwerkt wordt gezien als iets dat iedereen wel kan, gewoon door het te doen. Alleen in uitzonderlijke gevallen is daar een coach bij nodig, als er excellent werk in korte tijd wordt verwacht van een team, of juist als resultaten achterblijven omdat de verhoudingen op scherp staan. Zo gaat er veel potentiële kwaliteit verloren. Want een team dat gewoon aardig werk aflevert ziet zelf niet hoe het kan excelleren, laat staan dat het daar uit zichzelf actie op onderneemt.

Het loont om een team minimaal een kwartaal te laten werken met een coach. Patronen in het team worden transparant en kunnen worden omgebogen om het potentieel van zo’n team een kans te geven. Er zit vaak zoveel meer in teams dan wat er uit komt.  

Welk bedrijf/merk heeft het wat jou betreft echt begrepen, als we het hebben over agile marketing en waarom? 

Er is een uitgebreide case beschreven van een pilot met een agile marketing team bij Southwest Airlines. Twee jaar geleden is dit team met een missie aan de slag gegaan om het online boekingsproces voor klanten te verbeteren. Als ik de casus lees klopt alles. Er is aandacht besteed aan het samenbrengen van de juiste expertise, aan de werkwijzen in het team, aan het formuleren van hypotheses die in korte slagen zijn getest, aan de teamvorming zelf en de psychologische veiligheid. Ook het leiderschap rondom het team en de inbedding van het team in de rest van de marketing- en salesorganisatie is heel bewust meegenomen in de pilot. Deze case is een inspiratie voor alle marketeers die gevoel willen krijgen voor wat agile marketing vraagt en wat het oplevert.   

Dichter bij huis zijn er ook goede voorbeelden te vinden. Eigenlijk kun je stellen dat elk bedrijf waar echte keuzes worden gemaakt in wat we wel doen en wat we niet doen op basis van effectiviteit van de marketinginspanningen al goed op weg is. Zo wordt paal en perk gesteld aan de structurele overbelasting van marketingprofessionals en ontstaat ruimte voor meer kwaliteit. Kiezen voor effectieve activiteiten betekent ook automatisch dat je met minder inspanningen betere outcomes realiseert.

Wat was de meest impactvolle en tegelijk leerzame ‘afslag’ die je in jouw loopbaan hebt gemaakt? Wat heb je geleerd?

Tien jaar geleden ben ik op een punt beland dat ik helemaal vastliep in de marketing en communicatie. Het was altijd teveel werk voor te weinig uren, ik kon er te weinig van mezelf in kwijt, er zat geen groei of uitdaging meer in, ik had er kortom totaal geen plezier meer in. Daarom wilde ik het over een andere boeg gooien; weg van marketing en communicatie en de logistieke consultancy in – ik had net meegewerkt aan een haalbaarheidsstudie voor een innovatief project in de Rotterdamse haven. Als start van deze voorgenomen carrière switch ben ik een training Agile Project Management gaan doen bij een collega waar ik destijds al jaren mee samenwerkte, hij is één van de grondleggers van de agile beweging wereldwijd. Al voor de eerste koffiepauze van trainingsdag 1 ging het licht aan in mijn hoofd. Ik moest niet van vakgebied veranderen, het vakgebied zelf moest veranderen door toepassing van agile principes en dáár lag mijn bijdrage. Ik had het geluk dat mijn collega dit streven heel serieus heeft genomen en me van context en connecties heeft voorzien om dit ook echt waar te maken.   

Welk boek, welk artikel, welke presentatie op YouTube zou je iedereen in het vak aanraden en waarom?

Voor iedereen in het vak zou ik het boek Conversational Intelligence aan willen raden, van Judith Glaser. Inzicht in wat er in ons brein gebeurt tijdens gesprekken helpt om de relaties met anderen vorm te geven. Ik hoor vaak verhalen over het verlangen naar een gelijkwaardige relatie in een bedrijf, waarbij de stem van marketing even zwaar weegt als de stem van onderdelen die producten en services verlenen aan eindklanten. Op het moment dat je doorhebt in welke conversatiestijl je zit met je gesprekspartner, kun je aanpassingen aanbrengen en in het gesprek naar meer gelijkwaardigheid toebewegen. Als je dit vaak genoeg doet, met relevante gesprekspartners, werk je heel concreet naar die gewenste gelijkwaardige relatie toe.     

Een ander boek, voor iedereen die geïnteresseerd is in Agile Marketing wil ik The Six Disciplines of Agile Marketing van Jim Ewel aanraden. Boordevol aanwijzingen, tips, technieken en cases uit de praktijk. Het is in 2021 uitgekomen, dus heel actueel. We gebruiken zijn boek ook tijdens de mastercourse Agile Marketing Transformations.

De komende vijf à tien jaar overdenkend: op welk (vak)deelterrein wil je jezelf nog scholen? Welke kennis of competentie ga je aanleren of oppakken?

Op korte termijn wil ik meer weten over Portfolio Management, hoe je in een marketing en communicatie omgeving de dynamiek structureert rond het afwegen, selecteren en prioriteren van de meest waardevolle activiteiten. Nu doen we naar mijn smaak nog te vaak dingen omdat onze interne klanten het per se willen of omdat we niet achter willen blijven bij andere marktpartijen.

Op de langere termijn wil ik veel meer kennis vergaren over AI in ons vak. Er zijn zoveel mogelijkheden dat het heel reëel wordt dat teams van marketingprofessionals binnen afzienbare tijd gaan samenwerken met robots. Hoe werkt dat concreet en welke ethische vraagstukken komen we daarbij tegen? Maar ook: hoe organiseer je het marketing- en communicatiewerk tussen mensen en robots op een zinvolle manier?

Demarketing? Ja, Demarketing!

Geschreven door Ronald Voorn MSc

Met deze tekst, maar dan in het Engels, begon een publicatie in 1972 in de Harvard Business Review van twee van mijn marketinghelden, Philip Kotler en Sidney Levy. Zij betoogden dat marketing bedoeld was om de vraag naar producten en diensten te verhogen maar net zo goed gebruikt kon worden om de vraag te helpen verminderen. Dit kon handig zijn als er tekorten dreigden. Een jaar geleden schreef Kotler nog een blog over dit onderwerp, maar dan met nog meer voorbeelden, waarin demarketing een rol zou kunnen spelen. In deze blogpost ga ik daar iets dieper op in.

Wat is demarketing?

In 1971 omschreven Kotler en Levy demarketing als ‘dat aspect van marketing dat betrekking heeft op het ontmoedigen van klanten in het algemeen of een bepaalde klasse van klanten in het bijzonder, hetzij op tijdelijke, hetzij op permanente basis’. Zij zagen drie vormen van demarketing voor zich (dit is uiteraard slechts een samenvatting):

1.    General demarketing, als een onderneming de totale vraag wil laten dalen.

Dit kan bijvoorbeeld nodig zijn als er tijdelijke tekorten verwacht worden. Instrumenten die hierbij gebruikt kunnen worden zijn bijvoorbeeld, minder of anders adverteren, minder aan salespromotions doen, tijd per klant verminderen voor de salesforce of hun budget te verlagen, prijs verhogen en, je verwacht het niet, de kwaliteit verlagen of de inhoud verminderen, dan wel het aantal distributiepunten verlagen of zelfs het product van de markt halen.

2.    Selective demarketing, als een bepaalde groep minder vraag moet genereren.

Hier het voorbeeld van o.a. het chique hotel dat ineens heel populair wordt bij Hippies (voor de jonge lezers: dat waren vroeger mensen die geen carrière wilden maken en geen stropdas droegen en het liefst met bloemen in hun haar liepen, al dan niet hash rokend en het liefst op de dam in Amsterdam sliepen). Oplossing hier is volgens de heren dat je dan de verwachting van beschikbaarheid van kamers voor het “foute” segment klanten moet ontmoedigen. Of hen (ja het staat er echt) slechte service moet verlenen.

3.    Ostensible demarketing, doen alsof de vraag moet dalen met de bedoeling om die eigenlijk te laten stijgen.

Manieren hiervoor zijn o.a. doen alsof iets heel exclusief is, danwel zeggen dat een bepaald event of product bijna helemaal is uitverkocht (Hi Booking.com).

Fast forward naar nu

Een jaar geleden schreef Kotler opnieuw een blog over dit onderwerp, Welcome to the Age of Demarketing. Hierin noemt hij nog meer voorbeelden waarbij demarketing nodig zou kunnen zijn, zoals bij het ontmoedigen van de vraag naar “vice” producten zoals harddrugs, sigaretten, om het eten van vet voedsel te verminderen en ook om het gebruik van schaarse hulpbronnen te verminderen, zoals water, schone lucht, bepaalde vissoorten en bepaalde mineralen. Hoe dat dan te doen, daar komt hij niet aan toe. Hij haalt hier echter wel de “tragedy of the commons” bij aan. Dat iedereen teveel van een publiek goed gebruikt, om het dilemma te schetsen waar demarketing dan mee te maken krijgt want dit zou immers een beperking van onze individuele vrijheid kunnen betekenen.

Lees het hele artikel hier.

Eerder verschenen op

Ondanks de krappe arbeidsmarkt zijn aantrekkelijke employer brands nog steeds zeldzaam

De term Employer Branding wordt massaal gebruikt maar in de wereld van recruitment is ‘merk bouwen’ meer uitzondering dan regel. Het overgrote deel van de recruitmentcommunicatie wordt volgens decennia oude informatieve en emotieloze formats en kanalen uitgezet. En als er al wat gevoel wordt toegevoegd, dan lijkt het allemaal op elkaar. Van onderscheidend vermogen is geen sprake. Zelfs de bekendste merken vallen door de mand. Blijkbaar hebben de merkbouwers en de HR-specialisten elkaar nog steeds niet gevonden. Heel jammer want komende jaren zou Employer Branding wel eens belangrijker kunnen zijn dan Consumer Branding.

Er vallen in bijzonder twee dingen op:

Organisaties praten over WAT ze doen en niet WIE ze zijn.

Waar de homepage voor klanten het merkgevoel meestal nog enigszins uitdraagt, hoewel zelden onderscheidend, is de ‘werken bij’-pagina vaak een saaie informatieve pagina waar wordt gesproken over wat de organisatie doet. Met een overzicht van de afdelingen en cijfers over het aantal klanten, producten of vestigingen. Vacatures zijn soms anderhalve pagina lang met allerlei functievoorwaarden geschreven in formele taal. Zelfs op de social-kanalen zie je dat de vacatures worden gedeeld met stockbeelden met de enerverende originele boodschap: ‘Kom jij ons team versterken?’ Weinig eigen smoel dus… Het is haast een wonder dat je met zo’n sfeerloos eerste contact toch nog leuke passende medewerkers aan de haak weet te slaan. Geen wonder dat bijna iedere organisatie tegenwoordig gespecialiseerde headhunters moet inzetten.

Organisaties leven zich niet tot nauwelijks in de doelgroep in

Recruitment gaat al tijden volgens eenzelfde zakelijk stramien met formats en processen die jarenlang op dezelfde manier worden aangehouden. Onderzoek van de UvA toont aan dat het overgrote deel van de vacatureteksten geschreven is in mannentaal die vrouwen niet aanspreekt. Schrijf je in vrouwentaal dan spreek je beiden aan. Als je kijkt naar vacatures voor verschillende disciplines dan herken je overal dezelfde informatieve vorm en taal, of het nu een vacature voor een verpleger, buschauffeur of jurist is. Ook wordt er veel gekozen voor de klassieke recruitementkanalen, terwijl voor bepaalde doelgroepen andere kanalen veel effectiever zijn. Wist je dat mannen 2 keer vaker via agencies zoeken en 30% van de vrouwen via netwerken? Of dat generatie Z het liefst in contact komt met bedrijven aan de hand van referrals?

Lees het hele artikel hier.

Eerder verschenen op

De Impact van Marketing op ‘Organizational Development’


Geschreven door Valérie Van den Brule

Bijna een jaar geleden werd ik door NIMA geïnterviewd over ‘hoe de Marketing Academy van Rabobank werkt’. Luuk Ros heeft hier een mooi artikel over gepubliceerd op Marketingfacts.nl. Op basis van dit artikel en een aantal mooie inspiratiesessies die ik via NIMA heb mogen verzorgen, kwam al snel de vraag of ik niet met meer regelmaat iets wilde publiceren over het ontwikkelen van je marketingteam? Dit leek mij fantastisch! Toch bleef het vanuit mijn kant een tijdje stil…

Waarom lukte het mij niet om iets op ‘papier’ te zetten over het ontwikkelen van je marketing team? Op basis van de reacties die ik heb ontvangen op ‘Hoe de Marketing Academy van Rabobank werkt’ en de vraag die Luuk mij stelde (met daarbij de hele vele gesprekken die ik in de afgelopen periode met ontzettend veel verschillende personen heb gevoerd) besefte ik dat het niet zozeer gaat om het ‘enkel en alleen ontwikkelen van je marketingteam’, maar de angel zit veel dieper. Niet alleen Marketing transformeert, maar als je kijkt naar jouw organisatie dan transformeren alle afdelingen binnen de organisatie én hebben we ook nog eens een structureel probleem op het gebied van ‘talent management’ (organisatiebreed).

Marketingbril

We hebben te maken met een versnelde digitaliserende wereld (hoe actueel is ‘digital marketing’ nog als marketing zich bevindt in een digitale wereld?). We focussen ons op het belang van onze klanten met compleet frictieloze customer journeys (hebben in jouw organisatie alleen marketeers invloed op deze customer journey of heeft eigenlijk iedereen – direct of indirect – dat binnen de organisatie?). We willen waarde creëren voor onze organisatie (hoe creëren we samen als organisatie waarde voor de business, klant & maatschappij?). We starten allemaal ‘talent programs’ en ‘traineeships’ om nieuwe mensen aan te trekken en talenten te behouden (is een standaard en niet onderscheidend programma dat we allemaal aanbieden wel voldoende in deze tijden? Of zouden we ook hier eens wat kritischer met een ‘marketingbril’ naar kunnen kijken? We beginnen allemaal verschillende academies om onze medewerkers te up- en re-skillen (waarom blijft het toch lastig om medewerkers intrinsiek te motiveren voor ‘zelfontwikkeling’?).

Ik zou nog wel pagina’s vol kunnen schrijven over dergelijke vraagstukken en issues waarin wij ons, binnen de verschillende organisaties waarin we werkzaam zijn, allemaal zullen herkennen. Dan rijst waarschijnlijk nu bij jou de vraag: ‘Wat heeft marketing dan te maken met de impact op onze ‘organizational development?’. Eigenlijk kan ik hierbij refereren naar een heel kort – en voor de marketeer – simpel antwoord. 

Lees hier hele artikel hier.

Eerder verschenen op

Als het aankomt op het terugverdienen van marketing, zijn woorden net zo belangrijk als cijfers

Dit artikel is geschreven door Dr. Grace Kite 

Van ROI tot kosten per acquisitie: het vakjargon dat binnen marketing wordt gebruikt kan vaak verwarrend zijn, al ben je nog zo slim. Tijd voor de broodnodige duidelijkheid.

Drie jaar geleden heb ik een van de slimste mensen die ik ooit heb ontmoet, aangenomen. Ze is gewoon heel slim. En niet op die verbijsterende ivoren toren manier, op een echte, menselijke manier. Vroeger waardeerde ze derivaten in de stad en hoewel dat erg ingewikkeld is, legde ze het in het sollicitatiegesprek uit op een manier die ik meteen begreep.

Sindsdien heeft ze alles over effectiviteit, allerlei marketingmodellen – en mixen – sneller geleerd dan ik dacht dat mogelijk was. Ze laat het eruit zien als een fluitje van een cent. Ze is van nul ervaring doorgegroeid tot directeur, terwijl ze ondertussen wijs en betrouwbaar advies bleef geven aan onze klanten en ons team.

Als de vakjargon die wordt gebruikt in ons vak om het terugverdienen van marketinguitgaven te beschrijven verwarrend is voor zo’n geweldig slimme dame zoals zij, moet er iets goed mis mee zijn. En het is zo, want in onze gesprekken werd het ons allebei duidelijk dat hoewel sommige begrippen, afkortingen of terminologie prima zijn, andere ronduit verkeerd zijn geëtiketteerd.

Het hele artikel is te lezen via Marketingweek.

Digitale transformatie is een mentale transformatie in de digitale netwerksamenleving

Wat is nou eigenlijk het fundamentele verschil tussen digitalisering en digitale transformatie? Digitale transformatie gaat over van A naar Anders.

Afgelopen maand was ik te gast bij De Technoloog, de podcast van BNR over technologische ontwikkelingen en de impact op onze samenleving waar ik een mooi gesprek had met Herbert Blankesteijn en Ben van der Burg over digitale transformatie.

Het blijft een uitdaging om in een uur uit te leggen wat digitale transformatie nu precies is, zeker als de interviewers al een beeld hebben waar het over zou moeten gaan.

Optimaliseren vs anders organiseren

Toch hoop ik dat het voor de luisteraar duidelijk is geworden dat er in mijn optiek een fundamenteel verschil bestaat tussen digitalisering en digitale transformatie. Dat digitalisering vooral gaat over optimalisering van het bestaande en dat digitale transformatie gaat over het anders organiseren en in voorkomende gevallen over een ander businessmodel. Dat digitalisering of digitale transitie gaat over van A naar B en dat digitale transformatie gaat over van A naar Anders.

Beiden vragen derhalve dan ook een fundamenteel andere aanpak. De eerste is in feite een technisch project met een concreet einddoel waarbij je kunt sturen op tijd, geld en kwaliteit. De tweede is een leerproces in een complexe en onvoorspelbare context waarbij het vooral gaat over de kunst om van richting te veranderen. En ja, daar speelt digitale technologie een belangrijke rol in, maar het gaat daarbij vooral over het kunnen loslaten van het bestaande, vaak niet meer werkende systeem om ruimte te creëren voor een nieuw systeem. Een systemische verandering waarbij ik liever spreek over een mentale transformatie in een digitale netwerksamenleving.

En nee, daar heb ik geen concreet stappenplan voor en nee, ik kan je ook niet vertellen wat het je morgen precies oplevert. En toch is het voor alle organisaties van groot belang om na te denken over hoe zich te verhouden tot de digitale transformatie van de samenleving en daar nu ook al stappen in te zetten. En die stappen gaan niet alleen over technologische ontwikkelingen, die stappen gaan vooral over wat de digitale netwerksamenleving nu van ons als mens vraagt.

Op mijn persoonlijke blog heb ik ter illustratie een concreet voorbeeld geschetst over de transformatie van zorg naar gezondheid. Voor hier op Marketingfacts is het wellicht interessanter om een concreet voorbeeld uit de commerciële sector te beschrijven. Een eenvoudig voorbeeld van een transformatie is de case van Expedia uit het boek Upstream van Dan Heath.

Dit artikel is geschreven door Marco Derksen en is in zijn geheel te lezen op Marketingfacts.

Workshop: Creatieve Concepten Beoordelen, met je buikgevoel meer ratio toevoegen

Gea Barth, voorzitter van het NIMA Senior Professionals-bestuur, heeft afgelopen januari de Workshop: Creatieve Concepten Beoordelen gevolgd. In deze workshop leer je hoe je buikgevoel en ratio combineert en hoe je effectieve, creatieve voorstellen krijgt. We hebben haar gevraagd om een eerlijk oordeel te geven over de workshop. Hieronder lees je waarom ze voor de training gekozen heeft en wat ze ervan vindt.

‘In de afgelopen jaren heb ik best veel creatieve concepten voorbij zien komen.

Ik heb het altijd lastig gevonden, om een goede objectieve beoordeling terug te geven. Mijn buikgevoel was/is altijd een belangrijke leidraad. Maar dat is toch moeilijk om anderen mee te overtuigen. Dus toen ik de workshop van NIMA voorbij zag komen, dacht ik die gaan we volgen.

In de sessie met Adriaan Oomen heb ik geleerd dat je buikgevoel heel belangrijk is. Maar ook dat je via een eenvoudig stappenplan meer ratio kan toevoegen, waarna je een weloverwogen beslissing kan maken.

Efficiënte trainingsopzet

De workshop was twee keer een halve dag online. Voor mij een perfecte en efficiënte manier van een training volgen. Niet te lang, waardoor je de focus goed vasthoudt. En verdeeld over twee dagdelen waardoor je het eerste deel kon verwerken en oefenen alvorens je met het tweede deel startte.

Aan de workshop deed een kleine groep enthousiaste marketeers mee, allen met een hoop ervaring in het vakgebied. Doordat de groep klein was, kon iedereen zijn ervaring delen. Hierdoor leerden we niet alleen van Adriaan maar ook van elkaar.

Wat deze workshop anders maakte dan anderen, is het feit dat er enorm veel praktijkvoorbeelden getoond werden. Samen met het stuk theorie kon je eigenlijk al veel oefenen. De theoretische handvatten kon je meteen toepassen, waardoor er gelijk meer (zelf)vertrouwen ontstond.

De vragen die centraal staan

Wanneer je een concept gaat beoordelen ga je door een aantal fases heen. Je ziet het concept, moet het beoordelen, maar je moet ook de regie behouden. Daarbij moet je ook je team/directie/ MT mee zien te nemen. De vraag is hoe je dat het beste aanpakt. Zeker als je een overenthousiast reclamebureau hebt dat iedereen inpakt. Adriaan heeft ons van heel goede tips en een stappenplan voorzien. Met die tips en het plan kunnen we deze vragen goed beantwoorden en zelf de regie behouden. Zo is één van de tips een vrij eenvoudige; laat je team van beoordelaars niet meteen een oordeel geven, maar laat ze er een nachtje over slapen. Pak de volgende dag een tweede feedback ronde en beslis dan of je wel/niet doorgaat.

Echt een aanrader

Wanneer jij in de positie bent dat je over creatieve concepten (mede)beslist, dan is deze workshop een echte aanrader. Zeker als je daarna ook nog een directie moet overtuigen!

Meer informatie over de Workshop: Creatieve Concepten Beoordelen vind je hier.

Kantar: ‘Raakt jouw merk de juiste duurzaamheidssnaar?’

Erzsi Eleveld en Rick Boersen zijn respectievelijk Client Service Director en Consultant Brand & Sustainability bij marktonderzoekbureau Kantar. Zij presenteren samen tijdens NIMA Marketing Day 2022. Een korte kennismaking.

De titel van de presentatie luidt: Duurzaamheid; raak jij als merk de juiste snaar? ‘Als merk wil je, moet je zelfs, aan de slag met duurzaamheid. Veel merken doen dat al, bijvoorbeeld met commitments op milieuverbeteringen of sociale en maatschappelijke verbetering. Maar is dat geloofwaardig en relevant? En wat wil de consument? Wij geven handvatten om merken en consumenten dichter bij elkaar te brengen, juist omdat ze het consumentenperspectief in kaart brengen, zodat je weet welke snaar wel en niet te moeten raken.’

Dit artikel is geschreven door Nanny Kuilboer en verscheen eerder op

Roderick van den Brink van Vrumona over de kracht van cultuur en internal branding

Roderick van den Brink is Account Director Superunie bij Vrumona (Heineken). Tijdens NIMA Marketing Day 2022 spreekt hij over de kracht van cultuur en internal branding. Een korte kennsimaking.

Van den Brink heeft een brede commerciële ervaring met verschillende sales-, trademarketing- en marketingrollen bij Heineken en Vrumona. Hij gelooft dat de basis voor succes ligt bij mensen die vanuit gemeenschappelijke waarden aan eenzelfde doel werken. Hij is daarom ook he afgelopen jaar verantwoordelijk geweest voor de coördinatie van de cultuurtransitie bij Vrumona. Tijdens NIMA Marketing Day 2022 spreekt hij over de kracht van cultuur en internal branding. ‘Er is steeds meer aandacht voor de kracht van een duidelijke, sterke en gedragen cultuur bij bedrijven. Zeker in deze roerige tijden is het belangrijk dat werknemers zich thuis en met elkaar verbonden voelen. Bij Vrumona was er een verandering nodig, maar hoe verander je een cultuur? Wat is de rol van internal branding hierin?’

Dit artikel is geschreven door Nanny Kuilboer en verscheen eerder op